| Als het
om gevels gaat, dan is Nederland nog altijd een baksteenland.
Maar hoewel het vechten tegen de bierkaai lijkt, leggen
de voorstanders van pleisterwerk zich daar nog altijd
niet bij neer. Al lange tijd worden er wapens ontwikkeld
om terreinwinst te boeken. Een pleisterafwerking met het
uiterlijk van baksteen bijvoorbeeld, alweer jaren geleden
geïntroduceerd. Schijn bedroog echter zelden, het
was te overduidelijk imitatie. Met Baksteen Sierpleister
ligt dat anders. Het namaakmetselwerk op de gevel van
woning in het Drentse Eext is nauwelijks van echt te onderscheiden. |
|
Hamvraag
Waarom? Waarom zou je
een baksteengevel bepleisteren en hem toch het uiterlijk van
baksteen willen laten behouden? Voor een deel is het een esthetische
keuze; op basis van smaak, op grond van wat bij een woning
past. Maar wat volgens Harm Jan Meijer van Baksteen Sierpleister
(BSP) een grotere rol speelt, is het praktische en financiële
aspect. "Een gevel wordt over het algemeen aangepakt wanneer
hij er slecht uitziet. Denk aan scheuren bijvoorbeeld, en
aan advertenties door dichtgemetselde deuren of ramen. Dat
zijn zaken die je niet verhelpt met alleen opnieuw voegen.
Maar opnieuw metselen is een zeer ingrijpende en kostbare
aangelegenheid. Een goede baksteenimitatie in sierpleister
is dan een prima alternatief." Kortom, de pleisterafwerking
wordt gebruikt om gebreken te verbergen? "Dat is in feite
waar het bij gevelbepleistering in negen van de tien gevallen
op neerkomt", meent Meijer. "alleen moet je je wel realiseren
dat je bepaalde problemen grondig moet aanpakken voor je ze
gaat bedekken. anders komen ze onherroepelijk weer een keer
terug."
Zachte Heelmeesters
Bij de woning in Eext kwam Meijer zo'n
fundamenteel probleem tegen; scheuren in het metselwerk. "Hoe
vaak wordt daar niet een wapeningsweefsel overheen aangebracht,
met het idee dat het daarmee is opgelost?", verzucht hij.
"als je goed nadenkt over wat een scheur precies is, hoe die
is ontstaan, dan weet je dat dat nooit voldoende kan zijn."
Zijn overtuiging is dat een scheur in een gemetselde gevel
duidt op een spanningsveld dat zijn oorsprong vindt in de
constructie, de fundering, het dak, bodemdaling etc. En dat
er derhalve voor een rigoureuze oplossing moet worden gekozen
om die spanning weg te nemen. "Zo'n scheur hak ik uit, dwars
door de muur heen, en minimaal 3 cm breed. alleen dan neem
je de spanning weg. En vervolgens vul ik hem op met een krimpvrije
cementmortel die vergeven is van de kunststofvezels." Uit
ervaring weet Meijer dat deze oplossing een veel betere garantie
geeft dan de toepassing van alleen een wapeningsnet. "Daar
wordt van te voren al bij gezegd dat de scheur op enig moment
kan terugkomen. Mocht dat bij mijn oplossing een keer voorkomen,
dan gebeurt dat binnen veertien dagen. Dan weet je het gelijk,
en dan weet je ook dat het ophoudt; want er is alles aan gedaan
wat mogelijk is."
Veel vaste stoffen
Grondige reparaties gingen er dus vooraf aan het aanbrengen
van de baksteen sierpleister. Een scheur of zeven repareerde
Meijer op deze wijze. Maar er waren meer voorbereidende werkzaamheden.
Reiniging van de gevel bijvoorbeeld; gewoon met water en de
hogedrukspuit. En het voorstrijken, tenminste 24 uur voordat
er gepleisterd werd en in twee laagdiktes. Meijer gebruikte
daar een middel voor dat speciaal voor hem wordt samengesteld,
op grond van zijn eigen bevindingen en wensen. "De meeste
voorstrijken hebben een vaste stoffengehalte van zo'n 15%,
wat ik gebruik komt op 25%. Het voordeel daarvan is dat er
minder wordt opgezogen door de ondergrond." Dat is belangrijk
want zo voorkom je een ongelijke zuiging wanneer je gaat pleisteren.
De voorstrijk moet uiteindelijk een reactie aangaan met de
pleister, om voor een goede hechting te zorgen.
Logistiek onlogisch
Ook de pleister zelf wijkt af van wat je normaal gesproken
op dat gebied tegenkomt. De lijm die Meijer er aan toevoegt
bijvoorbeeld, heeft een vaste stoffengehalte van maar liefst
50%. Het product wordt speciaal voor de pionier gemaakt, de
pleister zelf stelt hij zelf samen. Naast de lijmen komen
er kunststofvezels aan te pas, pleisterverbeteraar, trascement,
drie verschillende soorten zand, kleurstoffen en water. De
exacte verhoudingen geeft Meijer niet prijs, maar zijn keuze
voor trascement wil hij nog wel wat toelichten. "Het vloeit
niet, het is de duurzaamste cementsoort die je kunt krijgen;
scheuroverbruggend en elastisch. Daarnaast bloeit hij niet
uit zodat je werk er ook mooi blijft uitzien." Dat is uiteindelijk
wel waar het om gaat, vooral voor een bedrijf dat het van
mond-tot-mond-reclame moet hebben. "Het heeft me flink wat
jaren gekost om tot de ideale verhoudingen te komen, maar
nu ik die eenmaal heb is het een fluitje van een cent. Een
kwestie van heel nauwkeurig afmeten, mengen en in emmers doen.
Logistiek gezien zijn droge mortels misschien handiger, maar
dit is een gewoon een uitstekende kwaliteit en dat vind ik
belangrijker dan een logistiek voordeel."
|
| |
 |
|
 |
|
|
Hogere metselkunde
Veel hangt dus af van de materialen en het voorwerk, maar
ook de wijze van aanbrengen is van wezenlijke invloed op het
eindresultaat. Daarom werd ook in Eext in twee lagen gepleisterd,
nat-in-nat, waarbij in de eerste laag een wapeningsweefsel
wordt aangebracht. Volgens Meijer zaken die van essentieel
belang zijn voor een langere levensduur. Nadat de tweede laag
was aangebracht, werd een begin gemaakt met het maken van
het baksteen uiterlijk. De pleister had weliswaar al de rode
basiskleur, van een baksteen structuur was nog geen sprake.
De eerste aanzet daartoe maakte Meijer door de pleister op
te ruwen met een handveger. En zodra de pleister droog genoeg
was, kon het voegenpatroon worden ingesneden. "Dat gaat wel
in fases", legt Meijer uit. "Het is een spel van droog - niet
droog. De lijm vertraagt de droogtijd wel, maar zelfs dan
kan ik nu eenmaal niet een hele gevel in één dag smeren en
hem daarna snijden. Hier deed ik steeds vlakken van zo'n 3
tot 5m2." Van wezenlijke invloed op het uiteindelijke uiterlijk
van de gevel is het metselverband dat met het snijden van
het voegenpatroon wordt geïmiteerd. "In Nederland zie je baksteenimitaties
het meeste in halfsteensverband, maar daar ben ik eerlijk
gezegd een beetje op uitgekeken. Wil je wat anders, een kruisverband
zoals hier bijvoorbeeld, dan zul je wel een complete know
how van metselwerk moeten hebben", aldus de voormalig metselaar.
Kleuren maken de Gevel
Naast het inderdaad niet eenvoudig ogende kruisverband bracht
Meijer nog andere opvallende details aan met het snijden van
de voegen. Tegen de dakrand aan de kopse kant van de woning
is een ingewikkeld ogend vlechtwerk in de pleisterlaag gesneden.
"Dat is wel een uitzoekerij geweest, hoe ik dat er goed in
moest krijgen. Met echt metselwerk had ik het wel geweten,
maar hier zijn geen leerboeken voor." Uiteindelijk bood een
relatief simpele malconstructie de oplossing. De toevoeging
is de moeite van het puzzelen dubbel en dwars waard geweest,
de imitatie lijkt er nog echter door. De belangrijkste bijdrage
daaraan wordt echter geleverd door de kleurcoating, uniek
in dit systeem. Vijf verschillende kleuren heeft Meijer gebruikt.
De basiskleur is het donkerrood van de pleister. Met een aantal
donkere kleuren, waaronder bruin, blauw en zwart, heeft Meijer
een schakering aangebracht. al begint het kleuren wel volgens
iets van een patroon, na afloop is dat niet meer te herkennen;
de gevels hebben een zeer authentieke baksteenuitstraling
gekregen. "Vroeger was het commentaar wel eens dat het te
egaal rood of te egaal bruin was, waardoor het er te gelikt
uitzag. Nu ik met die vijf kleuren werk, hoor je dat niet
meer. Ja, het is wel meer werk en dus ook wat duurder, maar
je ziet geen verschil meer met echte baksteen. Dit is het
ultieme wat er op dit gebied tot nu toe is gemaakt."
Alles onder controle
De kleurcoating vervult een dubbelfunctie. Hij zorgt niet
alleen voor de finishing touch qua uiterlijk van de baksteen
sierpleisterafwerking, maar levert ook nog bescherming. "Hij
is namelijk UV-bestendig en waterafstotend", aldus Meijer.
Nadat de gevels op kleur zijn gebracht, was het de beurt aan
de voeger. Om de risico's van smetvlekken zoveel mogelijk
te vermijden werkt Meijer bij voorkeur met hetzelfde bedrijf,
Voegbedrijf Van Prinsenbeek uit Wagenborgen. "Zij weten hoe
ik het hebben wil, ik weet hoe zij werken en dat gaat prima
zo", licht Meijer zijn voorkeur toe. Evengoed is hij altijd
aanwezig bij het voegen, met een vernevelaar in de aanslag
om ook maar de kleinste ongerechtigheid te lijf te gaan. Sluitstuk
van het gevelwerk in Eext was het eenmalig aanbrengen van
een transparante waterafstotende coating zodat ook de voegen
net zo goed beschermd zijn als de namaakbakstenen.
Don't try this at home
A al de materialen die Meijer in Eext heeft gebruikt, komen
uit eigen keuken of zijn volgens eigen recept bereid. "Het
systeem is elastisch, soepel en dampopen zodat je minder kans
op spanningen en scheuren hebt", zegt Meijer niet zonder trots.
"Ik ben er jarenlang mee bezig geweest om het te maken tot
wat het nu is. Maar het is niet zo dat ik maar wat aanrommel.
Ik heb een laboratorium achter me staan dat mijn ideeën op
bruikbaarheid en toepasbaarheid onderzoekt. Zo zijn we ook
op een methode gekomen die het me mogelijk maakt om 's winters
door te werken. als het overdag maar niet kouder dan zo'n
4 à 5°C is en het 's nachts niet harder vriest dan 3 à 4°C
. antivries." Meijer zegt het met een stalen gezicht. Maar
voegt er wel aan toe dat je dit beter niet 'thuis kunt proberen'.
"Ik heb het laten onderzoeken, werk al jaren met deze beproefde
methode en op mijn producten heeft het geen schadelijke invloed.
Hoe dat met andere producten zit, daar durf ik hier niets
over te zeggen. Maar om brokken te voorkomen lijkt het me
niet verstandig als mensen er zo maar mee gaan experimenteren.
|